Kees Torn
Kees Torn groeide op in Maassluis. Op de kunstacademie werd hij door studiegenote Gerrie Hondius uitgedaagd om teksten te schrijven voor een gezamenlijk programma. In 1991 deden ze als het duo 'Kees en ik' mee aan het Groninger Studentencabaretfestival, waar Torn de persoonlijkheidsprijs won.
Hoewel de optredens een succes waren, stopte het duo door onenigheid al na een half jaar. In 1994 won hij in zijn eentje het Leids Cabaret Festival, nadat hij door twee vrienden (Onno Innemee en Robert Spaapen) ongevraagd was ingeschreven. Ruim een jaar later maakt hij zijn officiële solo-debuut met het programma 'Laat maar laaien'. In 1999 won Kees Torn de Annie M.G. Schmidt-prijs voor het beste theaterlied van 1998 voor zijn lied 'Streepjescode'.
In november 2007 won Kees Torn een Poelifinario voor het meest indrukwekkende theaterprogramma van het seizoen 2006-2007. Hij kreeg die prijs voor zijn programma 'Dood en Verderf', dat door de recensenten al luid bejubeld was. De jury roemde zijn vermogen om 'in superieure liederen allerlei aspecten van de dood bespreekbaar te maken'.
De voorstellingen van Kees Torn kenmerken zich door vele - soms wat zwartgallige - liedjes en gedichten, overpeinzingen, sketches, terzijdes, gesprekjes met het publiek, spelletjes met taal en logica, en soms een stukje klassieke muziek - vooral van Bach - wanneer hij vindt dat het publiek "dit écht even moet horen". Torn is de beoefenaar van het light verse, en zijn repertoire is dan ook te vergelijken met dat van Kees Stip, Drs. P en Hans Dorrestijn. Getooid met een dikke sigaar en een goede whisky, is zijn uitstraling op het podium die van de eeuwige student, die in de studentensociëteit aan de bar een paar goede vrienden probeert te vermaken.
Programma's- 1995: Laat maar laaien
- 1996: Als ik het niet dacht
- 1998: Plek Zat
- 2001: Mooie boel
- 2002: In de gloria
- 2004-2006: Doe mee en win
- 2006-2007: Dood en verderf
- 2008: 3D (in de formatie C3 met Onno Innemee en Mike Boddé)
- 2009: Einde Verhaal

